Bruine bonensoep met groente.

Ingredïenten:
200 gr. bruine bonen, 100 gr. haver, gerst of gort, 250 gr. zuurkool, wortel of bieten, 1 ltr. water, 1 ui, 2 laurierblaadjes, 5 kruidnagelen, 5 jeneverbessen (licht gekneusd), 2 theelepels karwijzaad, 2-3 eetlepels olie, 4 eetlepels meel of bloem, 1 eetlepel paprikapoeder, 2 theelepels gemberpoeder of rozemarijn gestampt met 2 theelepels zout, evt. gemalen peper.

Week de gewassen granen en bonen een nacht in het water.

Verwijder van de ui alleeen de schil. Snijd de ui overlangs doormidden en prik de laurierbladeren met de kruidnagelen op de bolle kant. Leg dit samen met de jeneverbessen en de karwij bij de geweekte bonen en granen in de pan. Breng alles langzaam aan de kook en laat het 20 minuten koken (bij gerst en gort 45 minuten).

Verwarm intussen in een pan met dikke bodem de olie met het meel en rooster het al roerend op een matig vuur lichtbruin. Doe dit meel bij de gekookte granen en bonen. Voeg het zout toe, plus paprika of kerrie als u zuurkool gebruikt, salie of rozemarijn bij wortel of biet. Zet de pan tenminste 2 uur in de hooikist (gerst en gort 3 uur).

Haal de ui en zo mogelijk de jeneverbessen uit de pan, verwijder de schil van de ui en snijd haar klein. Doe dit in de soep. Knip de zuurkool zeer fijn od rasp de wortel of biet zeer fijn. Giet de bouillon erbij, laat alles nog een paar minuten pruttelen en roer er van het vuur af de groente en de zure room door. Strooi de fijngeknipte verse kruiden erover. Serveer de soep met brood en rauwkost.

Eet smakelijk.